Over het expertisecentrum MVG

Zorg en ondersteuning aan mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag (MVG). Dat is wat ’s Heeren Loo van oudsher doet. We hebben veel specifieke kennis opgebouwd over deze doelgroep. Kennis over integraal en methodisch werken, vastgoed en de afbouw van onvrijwillige zorg. Bij complexe vragen gaan wij verder waar anderen stoppen.

Onder de doelgroep MVG vallen ook mensen met EVB+. Zij hebben een matige tot ernstige verstandelijke beperking in combinatie met bijkomend probleemgedrag. In ons expertisecentrum MVG verzamelen, ontwikkelen en delen we kennis over mensen met MVG. We helpen hen bijvoorbeeld via het landelijke Kennisplatform EVB+ waar we als ’s Heeren Loo bij betrokken zijn. En in de academische werkplaatsen ’s Heeren Loo – Vrije Universiteit en VB&GG.

We hebben zes kennisketens: EMB, MVG, NAH, LVB, Jeugd en Ouderen. Wil je weten hoe een kennisketen werkt? Bekijk dan het animatiefilmpje.

Onze ambitie

Kennisontwikkeling en kennisdeling voor mensen met een verstandelijke beperking en MVG draagt ertoe bij dat ’s Heeren Loo iedere cliënt met MVG goede begeleiding en behandeling kan bieden, die aansluit bij de behoefte en mogelijkheden van de cliënt. Onze ambitie is bij te dragen aan de kwaliteit van de begeleiding en behandeling die binnen en buiten ’s Heeren Loo geboden wordt aan cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag.

Speerpunten

De komende jaren richten we ons op deze 5 speerpunten:

  • De definitie MVG staat in ons zorgprogramma. We gaan de definitie vernieuwen. Zodat deze beter aansluit op de andere cliëntgroepbeschrijvingen. Een paar jaar geleden zij we meer vanuit cliëntgroepen gaan denken en organiseren. Dit heeft veel expertise opgeleverd. En het was de basis voor de kennisketens zoals deze er nu binnen ‘s Heeren Loo zijn. 

    In de loop der jaren is gebleken dat de definitie MVG niet altijd duidelijk is. Zeker niet gezien de keuze van de andere cliëntroepen. Die zij gericht op leeftijd en/of niveau van de verstandelijke beperking. Hierdoor is er veel overlap en zijn er mogelijk doelgroepen buiten de beschrijvingen gevallen. Denk bijvoorbeeld aan een kind met een licht verstandelijke beperking en een ingewikkeld te lezen hulpvraag. Deze client kan zowel in ‘kind en jeugd’ als ‘LVB’ en ‘MVG’ vallen.

    Ook buiten ‘s Heeren Loo wordt onduidelijkheid op het begrip ‘MVG’ ervaren. Als reactie hierop is er landelijk opnieuw gekeken en gewerkt aan de definitie van de doelgroep. Onder andere in het kader van het ontwikkelen van een landelijke kennisinfrastructuur voor de cliëntgroep EVB+ en de te ontwikkelen leidraad persoonsgerichte zorg voor EVB+. Bij EVB+ is er sprake van bijkomende ernstig probleemgedrag. Ook binnen ‘s Heeren Loo willen we hier opnieuw naar kijken. We hebben daarbij aandacht voor wetenschappelijke onderbouwing en een goede aansluiting met landelijke ontwikkelingen. Zodat we de praktijk uit het oog verliezen.

  • We leveren een bijdrage aan de onderbouwing en implementatie van Triple-C. En aan de aanvullende interventies/ methoden die zijn gebaseerd op nieuwe wetenschappelijke inzichten en ervaringen in de praktijk.

    Voor de begeleiding en behandeling van cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag maakt ’s Heeren Loo gebruik van het orthopedagogisch behandelmodel Triple-C. Triple-C hanteert de constructionele benadering. Dat betekent dat de persoon met een beperking of stoornis in de eerste plaats wordt gezien als mens. Met de behoeften die ieder mens heeft. Het accent in de behandeling ligt op de interactie tussen de mens en zijn omgeving. Triple-C is gericht op het gewone leven waarin alle menselijke behoeften tot hun recht komen.  

    ’s Heeren Loo is al enige jaren geleden gestart met de implementatie van Triple-C. Medewerkers zijn al doordrongen van de visie. De implementatie in de praktijk zou geholpen zijn bij het concreter maken van wat je precies doet bij Triple-C. En wat de werkzame elementen hierin zijn. Met name als we kijken naar de hele context. Daarnaast speelt de vraag of werkzame elementen uit interventies zoals IBIS aanvullend kunnen zijn op het werken met Triple-C.

  • We willen zicht krijgen op de oorzaken van uitval en het verloop van medewerkers die werken met cliënten met moeilijk verstaanbaar gedrag. We onderzoeken ook hoe de context van invloed is op behoud en binden en boeien van medewerkers. Om tenslotte te komen tot onderbouwde interventies (gericht op medewerkers en context) die zorgen voor behoud van medewerkers.

    Er is een hoog verloop onder medewerkers die werken met MVG. Dit is een urgent thema. Want het heeft direct invloed op het welbevinden van cliënten als de vertrouwensrelatie onderbroken wordt. Aan de andere kant speelt moeilijk verstaanbaar gedrag ook een rol in het uitvallen van medewerkers. Het blijkt dat er een verband is tussen moeilijk verstaanbaar gedrag en emotionele belasting, ervaren stress, burn-out en werk toewijding. Stress bij medewerkers kan leiden tot een verminderde kwaliteit van interactie tussen cliënten en medewerkers, wat moeilijk verstaanbaar gedrag van de client kan versterken en weer kan leiden tot stress bij de medewerker. Daarnaast gaat er veel kennis en ervaring verloren.

    Werkstress wordt als de grootste factor gezien van het verloop van begeleiders die werken met mensen met moeilijk verstaanbaar gedrag. De mate van ervaren stress is afhankelijk van een aantal factoren, er kan onderscheid worden gemaakt tussen persoonlijke factoren en omgevingsfactoren. Het verloop van personeel kan niet los worden gezien van de context. Bij de aanpak van dit speerpunt kijken we daarom goed naar de context waarbinnen de medewerker werkzaam is.

  • We ontwikkelen een richtlijn voor het inzetten van biosensoren in de praktijk. Biosensoren zijn gericht op herkennen, vergroten van bewustwording en het monitoren van stress en spanning bij cliënten en/of medewerkers. Dit speerpunt is van belang omdat biofeedback de mogelijkheid biedt om stress/ spanning te objectiveren en ons meer tools geeft om spanning te signaleren. ​​​​​​

    Biofeedback is de verzamelterm voor de behandeling waarbij gebruik gemaakt wordt van technische hulpmiddelen om vormen van (over)spanning in/aan het lichaam aan te tonen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van verschillende biosensoren in de vorm van slimme ‘horloges’. Er kunnen verschillende lichaamssignalen worden gemeten. Zoals huidgeleiding, beweging, hartslag, hartfrequentie, temperatuur, zweten.

    Het idee is dat door het meten van deze gegevens de emotionele toestand en gedrag eerder kan detecteren. Er kan enkel een verschil/verandering in emotionele toestand gemeten worden. Maar dit zegt nog niets over de kleur van de emotie. Die kan zowel positief als negatief zijn. De verwachting is dat mensen zich meer bewust worden door de biofeedback van patronen van oplopende en dalende spanning. Zodat ze beter hun eigen spanningsniveau kunnen reguleren. Als laatste kunnen de slimme ‘horloges’ meer informatie geven over de hoeveelheid stress die wordt ervaren.

  • We gaan de interventies voor diagnostiek en behandeling van cliënten met psychotrauma/ PTSS verder ontwikkelen en implementeren. Ongeveer 30% van de mensen met een licht verstandelijke beperking binnen en buiten de residentiele zorg kan met een PTSS worden gediagnosticeerd. Terwijl bij het overgrote deel van de mensen niet wordt herkend. Het blijkt lastig om PTSS op een goede manier te herkennen.

    Hierdoor loopt een grote groep cliënten onterecht te lang rond met PTSS-klachten. Voor mensen met een matige- ernstige- en zeer ernstige verstandelijke beperking zijn nog geen onderzoeken gedaan. Er is wel net een onderzoek gestart. Het is aannemelijk dat ook bij deze doelgroep het percentage hoog zal zijn.

    Trauma en PTSS  heeft grote invloed op het welzijn in het dagelijks leven. En ook op de behoefte aan ondersteuning en de financiering die hiermee samenhangen. De hoge cijfers van de aanwezigheid van psychotrauma/PTSS bij mensen met een verstandelijke beperking. En er is een grote lijdensdruk die psychotrauma/PTSS geeft in hun dagelijks leven. Daarom is dit onderwerp een speerpunt binnen het expertisecentrum MVG.

Kennisketen MVG

In deze infographic vind je alle informatie over ons bij elkaar.

Medewerkers expertisecentrum MVG

Baukje Schippers

GZ-psycholoog

  • Wet zorg en dwang
  • Afbouw vrijheidsbeperkingen
  • Complexe zorg

Anne Versluis

GZ-psycholoog

  • Psychotrauma
  • EMDR

Esther Bisschops

Gedragswetenschapper

  • Triple-C
  • Implementatie
  • Methoden afbouw onvrijwillige Zorg
  • Groepsdynamica

Marieke Leeflang

Psychomotorisch therapeut

  • Mindfulness
  • Spannings- en emotieregulatie

Marloes de Ruiter

Marloes de Ruiter

Senior beleidsmedewerker

  • Kennisketens LVB, MVG, EMB en Ouderen
  • Themanetwerk seksualiteit
  • Inhoudelijke richtlijn gezinshuizen
  • Aandachtsgebieden Autisme en doofblindheid
  • Project Netwerkgids

Sabine van der Meij

Manager Advisium

  • Manager kennisketen MVG

Contact

Kunnen we je helpen?

Heb je vragen over het expertisecentrum MVG? Of wil je meer weten over wat wij voor jou kunnen betekenen? Stuur dan een mail naar Expertisecentrum.MVG@sheerenloo.nl. Je kunt ook contact opnemen met ons landelijk Klantcontact. Van maandag tot en met vrijdag zitten wij klaar om jouw vragen te beantwoorden. Van 08.00 uur in de morgen tot 18.00 uur in de avond.

Neem contact op
Terug naar boven