“Als je iets opschrijft wordt het vanzelf belangrijk”

"Het taalgevoel van mensen met en zonder beperking is nagenoeg gelijk. Cliënten waar ik mee werk kunnen heel goed aanvoelen of een bepaalde zin wel of niet lekker loopt." Ron werkt als activiteitenbegeleider bij 's Heeren Loo in Noordwijk en ontdekte twintig jaar geleden dat dichten iets bijzonders doet met mensen. "Het stimuleert de cognitieve functies op een leuke en ontspannen manier. Maar bovenal maakt het mensen trots op zichzelf."

Verwacht geen simpele rijmpjes als je de gedichten leest die Ron samen schreef met cliënten. Om een gedicht tot stand te laten komen volgt hij een aantal vaste stappen. "Als je bij het schrijven van een gedicht begint met rijmen, dan ontstaat er rijmdwang. Dat werkt tegen je in het proces. Het mooist is wanneer een gedicht op papier komt in zijn eigen natuurlijke vorm. Rijmen is echt heel ingewikkeld, want dat betekent dat je ook dingen moet gaan verzinnen. Soms zelfs hele zinnen die ook nog moeten kloppen. Bij mij is rijmen daarom nooit het uitgangspunt."

Ron pakt het op zijn eigen manier aan via een eigen methode. Stap één is vertellen. "We hebben een gesprek over een onderwerp wat op dat moment speelt of belangrijk is. Wat verteld wordt schrijven we op. Waar mogelijk schrijft de cliënt zelf, maar anders help ik daarbij. Vervolgens gaan we het samen lezen en dan komen er weer nieuwe woorden of zinnen bij. Dan ga je schaven en schrappen. Zinnen verplaatsen, woorden met elkaar verbinden. Dan gaat het meestal vanzelf. En ineens komt er een moment dat je denkt: het is af, het is goed zo. En dat is altijd een magisch moment." 

Gedichtenwedstrijd

"Het dichten ontstond twintig jaar geleden met een gedichtenwedstrijd. Daar deed ik met een aantal cliënten aan mee. Een aantal gedichten werd gepubliceerd in een bundel. En dat smaakte naar meer. Iedereen vond het zo leuk, dat ik ineens ook door andere woningen werd gevraagd om samen te komen dichten. Nu we zoveel jaar verder zijn kom ik op vele locaties van 's Heeren Loo, zowel bij woningen als op dagbesteding locaties. Maar ook buiten mijn werk word ik gevraagd om dichtworkshops te geven. Op familiefeestjes, teamdagen en zelfs op kinderfeestjes.

Iedere keer ontmoet je weer bijzondere mensen. Zo sprak ik een keer met Gijs over vliegtuigen. Hij is daar groot fan van. Op een gegeven moment komt er dan zo’n woordenstroom op gang. Zo spontaan en echt. Dan lopen de rillingen over mijn rug, zulke mooie dingen komen daaruit. Soms ben ik zo aan het luisteren, zit ik zo in het verhaal, dan vergeet ik het op te schrijven.
En Jari (foto) ontmoette ik op een zomerfeest tijdens een regenachtige dag. Hij kwam schuilen in de dichterstent. Ik vroeg hem of hij het misschien leuk vond om een gedicht te schrijven. Dat wou hij en hij vond het zo leuk om te doen dat hij de hele dag door steeds weer even terugkwam. Hij kwam binnen en zei: 'Ik heb er weer een, wil jij het voor mij opschrijven?'. Daar kan ik echt blij van worden."

Iedereen kan dichten 

Wat voor Gijs en Jari geldt, geldt volgens Ron eigenlijk voor iedereen. "Ik heb inmiddels met meer dan duizend mensen gedichten geschreven. En ik geloof echt dat in ieder mens een dichter schuilt. Wat ik zo mooi vind, is dat mensen zich daar ineens ook bewust van worden. Van het poëtische in zichzelf. Die bewustwording, is gewoon heel erg mooi. Dat geeft een zekere trots. Ineens ben je iemand, je doet ertoe. Je wordt gehoord en gelezen. Dat iemand voelt dat hij er mag zijn, dat raakt me.

Mensen met beperking hebben een onbewuste woordenschat, net als kinderen. Ze slaan veel op, maar dat blijft bedekt. Maar door het dichten gaan ze ineens woorden gebruiken die ze wel eerder hebben opgevangen, maar nooit hebben gebruikt. Het overviel hen ook vaak, maar het deed hen ook goed. Ze gingen die woorden dan ineens ook in een andere context gebruiken. Dat is toch schitterend?" 

Het mooiste moment beleefde Ron tijdens een presentatie van een van de gedichtenbundels. “Dan mogen ze op het podium, staan ze in de spotlights. Dat doet hen zo goed. Ik ben echt dankbaar dat ik dit werk mag doen.”

Meer dan dichten 

Later dit jaar verschijnt een nieuwe gedichtenbundel: 'Tranen komen van de wind'. Een titel die ontstond tijdens een bijzondere wandeling. “Ik was met een man aan het wandelen over het woonzorgpark en er stond veel wind. Daar kregen we tranen van in onze ogen. Door de tranen van de wind, moest hij aan zijn moeder denken die overleden is. Het was zo'n mooie uitspraak dat het de titel van de bundel is geworden. Zo’n gesprek is vaak een ontlading en werkt bevrijdend. Het is meer dan dichten alleen. Het doet ieder mens goed als er naar hem wordt geluisterd en als iemand echt zijn best doet om je te verstaan. Dat is voor iedereen heel waardevol. En als je dat dan opschrijft, dan wordt het vanzelf belangrijk."

Talige kant

“Naar mijn idee wordt de talige kant bij mensen met een beperking te weinig gestimuleerd. Er is in verhouding veel meer aandacht voor de beeldende kant, zoals tekenen en schilderen. Terwijl taal je cognitieve functies stimuleert. Taal brengt systeem aan in je brein, het helpt je leren focussen en je leert om beeldend te vertellen. En het mooiste is misschien wel dat het contact stimuleert. Want dichten begint bij mij altijd met een goed gesprek.

Maar het mooiste van mijn werk zit hem toch wel in de cliënten. Ik kan het bijna niet omschrijven, het is een gevoel. Bij hen voel ik me thuis en op mijn gemak. Ik kan echt mezelf zijn. Het is het contact dat we hebben met elkaar. Zo betrokken als je in de gehandicaptenzorg bij mensen kan zijn, dat heb je niet vaak in andere zorgberoepen. Als je dit een tijdje hebt gedaan, wil je gewoon niks anders meer."

Gerelateerde items

Terug naar boven