Graag meer aandacht voor mensen met verstandelijke beperking

De jongen met een verstandelijke beperking moest er even uit. Gek werd hij in de woonkamer met zeven huisgenoten en vier begeleiders. Hij is nooit een hele dag met ze thuis. Laat staan een week of een maand. De begeleider had een mooi uitje bedacht: op de skelter naar de glasbak, lege flessen weggooien. Dat kan hij als de beste, het is in normale tijden zijn werk. Hij heeft een uur in zijn skelter voor het pand gezeten. ‘Ik wil naar mijn werk’.

Leg de nieuwe werkelijkheid maar uit aan volwassenen met het verstandelijk vermogen van een baby of een peuter van anderhalf jaar. Die snappen niet waarom familie en vrienden niet meer komen. Waarom ‘werk’ weg is. ‘Als corona weg is, komen papa en mama weer. Morgen?’ Even later: ‘Als corona weg is. Morgen?’ 

Verborgen leed

Verborgen leed in onze maatschappij. Op onze woonzorgparken, maar ook bij ouders en verwanten die hun kind thuis hebben met onze ondersteuning en begeleiding. Bijvoorbeeld met vijf dagen dagopvang, logeren in het weekend, dat kan niet meer. Hoe moeilijk ook, die voorzieningen hebben we gesloten, inclusief het bezoek van ouders. Zij snappen dat. We kregen zelfs een verzoek van de cliëntenraad maatregelen te nemen.

Natuurlijk hoort alle aandacht eerst uit te gaan naar de patiënten en medewerkers in de ziekenhuizen. Maar zie wat er in de verpleeghuizen is gebeurd met de honderden besmettingen. Wij hebben vanaf 12 februari onze crisisorganisatie opgetuigd; de eerste coronabesmetting in Nederland was op 27 februari. Tot en met complete verpleegafdelingen, waar we ernstig zieke cliënten zuurstof kunnen toedienen.

Juist omdat we vroeg zijn begonnen, valt het aantal besmettingen onder onze cliënten en medewerkers mee. Beschermende middelen hebben we zelf ingekocht. Dat blijven we doen. Omdat we niet willen wachten op de centrale inkoop die de overheid heeft ingesteld. We denken inmiddels na over hoe we onze maatregelen kunnen versoepelen. Niet alle ouders kunnen meteen op bezoek. De dagbesteding zal gefaseerd opengaan. Misschien eerst voor onze jongste en minst kwetsbare cliënten, terwijl we voor de zwakste en ouderen strenger moeten blijven.

Het steekt dat er zo weinig aandacht is voor onze sector met 200.000 cliënten en 180.000 medewerkers. Het heeft te lang geduurd voordat medewerkers met klachten getest konden worden. Dat komt nu op gang, maar gaat moeizaam door alle bureaucratie. Die achterstelling blijft pijnlijk. Want we willen niet alleen de gezondheidsrisico’s voor onze cliënten tot het minimum beperken. Onze zorgprofessionals en hun naasten verdienen dezelfde bescherming. Om gezond te blijven. Zodat medewerkers zonder corona, maar alleen een fikse verkoudheid, aan het werk kunnen blijven. Aandacht voor onze sector zou ons daarbij helpen.

Jan Fidder, Kees Erends, Ernst Klunder, Raad van bestuur ’s Heeren Loo, Amersfoort.

Dit artikel is verschenen op 22 april op de opiniepagina's van het Algemeen Dagblad.

Gerelateerde items

Terug naar boven