“We moeten het echt hebben van lichaamstaal”

De coronacrisis heeft een grote impact op het dagelijks leven. Van onze cliënten, onze medewerkers, maar ook voor de families en verwanten van onze cliënten. Want hoe is het om je kind zo lang niet te kunnen zien en knuffelen? Of juist om je kind nu iedere dag thuis te hebben? Kortom, hoe beleven zij deze moeilijke periode?

In onze serie #bijdevoordeur delen we deze bijzondere verhalen. Hieronder lees je het verhaal van Hellen (61) en haar nicht Jane (47).

“Jane’s moeder is helaas jong overleden en toen was mijn nichtje ineens wees. In 1992 heb ik haar bij mij in huis genomen. Jane heeft het syndroom van Down en was altijd een heel vrolijk en actief kind. Ze hield van dansen en zwemmen. Jane heeft nooit echt goed kunnen praten, maar ik begreep eigenlijk meestal wel wat ze bedoelde of nodig had. Na 13 jaar bij mij gewoond te hebben, is Jane verhuisd naar een zorginstelling. En nu woont ze alweer een paar jaar bij ‘s Heeren Loo. Ze voelde zich hier meteen thuis en dit is nu echt haar huis.

Helaas kreeg Jane de laatste jaren steeds vaker epileptische aanvallen. Hierdoor zijn waarschijnlijk haar hersenen achteruit gegaan en lijkt het alsof ze jongdementie heeft ontwikkeld. Ze hield altijd enorm van activiteiten doen, maar dat is steeds minder geworden. Ze is ook moeilijker handelbaar. Jane is niet meer de Jane die ze altijd was. Binnen twee jaar is ze van altijd dansen naar niet meer lopen gegaan. Zelf staan lukt ook niet meer, daar heeft ze de hulp van een tillift voor nodig. Af en toe praat ze wel, maar geen hele zinnen. Het gekke is dat ze sinds corona wel weer babbeltjes heeft.

Een andere invulling voor dagbesteding

Sinds corona krijgt Jane een andere invulling voor haar dagbesteding. Een van de begeleiders, Margriet, besloot om op de woning van Jane de dagbesteding te gaan verzorgen en zij is er nu écht voor Jane. Ze ontlast de andere begeleiders in de zorg en ze houdt haar bezig. Er is niet veel wat Jane nog kan, maar het lijkt toch alsof ze weer een beetje opkrabbelt. Samen met Margriet kijkt ze filmpjes en luistert ze naar muziek. Lekker buiten wandelen vindt Jane ook heerlijk. Ook probeert Margriet haar weer aan het kleuren te krijgen. Dat vond ze altijd erg leuk, maar doordat haar motoriek ook is aangetast, lukt dat niet zomaar meer. Maar met hulp van Margriet probeert Jane af en toe weer te kleuren. Ik zeg altijd: ‘Margriet is haar engel’, ze is er altijd voor Jane.


Voor corona ging ik iedere week op bezoek bij haar. Op een gegeven moment werd dat voor mij te zwaar. Ik moest dik een uur rijden, heb mijn eigen gezin en werk de hele week. Dus besloot ik dat ik om de week zou gaan. Toen ze nog kon lopen gingen we dan samen wandelen en gezellig ergens lunchen. Dat vond ze prachtig. Toen kwam natuurlijk corona en kon ik weken niet meer langskomen. In die periode belden we samen en soms ook via videobellen. Omdat Jane niet praat, kan je aan haar houding zien of iets haar bevalt. Het is natuurlijk moeilijk om dat in te vullen voor haar. Maar als ze het leuk vindt, dan lacht ze ook de hele tijd. We moeten het echt hebben van lichaamstaal.

Een stukje acceptatie

Ik belde in die tijd minimaal 1 keer per week met de begeleiding. Ik werd goed op de hoogte gehouden en kreeg regelmatig foto’s van Jane toegestuurd. Voor mij was het wel moeilijk hoor, die periode. Jane heeft kroeshaar en dat moet bijgehouden worden. Voor mij is het belangrijk dat ze er goed uitziet, dat ze goed verzorgd is en mooie kleding aan heeft. Haar moeder vond dit ook altijd erg belangrijk. Ik moest het echt helemaal loslaten, wat lastig was want ik ben een controlfreak voor Jane. Ik wil dan haar haren doen en haar nagels knippen, want ze laat dat door niemand anders toe. Behalve door Margriet, bij haar laat ze het gelukkig wel toe. Wat ook erg moeilijk was, is dat Jane niet kan vertellen wat haar dwars zit, ze kan het niet aangeven. Als ik haar dan zag met videobellen en zag dat het goed met haar ging, dan is het goed. Een stukje acceptatie, want we kunnen er toch niks aan veranderen.

Gelukkig mag ik nu weer op bezoek bij Jane. De eerste keer dat ze me zag, tilde ze haar hand op voor een brasa, zo noemen wij een knuffel in het Surinaams. Maar dat mocht toen nog niet. De tweede keer dat ik langskwam, mocht dat gelukkig wel. Daar genoot ze echt zichtbaar van. En ik natuurlijk ook. Tijdens het bezoek zitten we samen een uurtje buiten en dan neem ik wat lekkers voor haar mee. En kijken we samen naar een filmpje of foto’s. Ze is heel erg blij als ze me ziet, even dat geluk wat je dan bij haar kan zien.

We houden ook contact door filmpjes te maken van ons gezin. Die sturen we dan naar de begeleiding en zij laten ze aan Jane zien. En we hebben kaartjes naar haar gestuurd. De begeleiding maakt dan een foto van haar reactie. Dat heb ik echt als heel fijn ervaren. Laatst hebben ze Surinaamse muziek voor Jane opgezet. En toen zong ze gewoon mee met haar eigen woordjes. Dat kon ze nog, dat wist ik niet. Het is allemaal een andere vorm van contact, maar toch prachtig dat het zo kan. Ik ben echt supertevreden en hartstikke trots op iedereen die daar werkt. Stuk voor stuk zijn het fijne, lieve begeleiders. Van mij krijgen ze een dikke pluim!

Deel jouw verhaal

Wil je jouw verhaal ook delen? Stuur dan een e-mail naar socialmedia@sheerenloo.nl en we nemen zo snel mogelijk contact met je op.

Gerelateerde items

Terug naar boven