EMDR

Mensen maken in hun leven veel verschillende gebeurtenissen mee, soms kan een ingrijpende gebeurtenis leiden tot langdurige stressklachten of zelfs een trauma. PTSS ontstaat als de gebeurtenis niet goed wordt verwerkt. Een trauma is vaak goed te behandelen. Bijvoorbeeld met EMDR (Eye Movement Desensitization & Reprocessing). EMDR is gericht op het verwerken van schokkende ervaringen en verminderen of laten verdwijnen van de daarmee samenhangende psychische klachten.

  • Indicatiecriteria:

    • leeftijd: alle;
    • ontwikkelingsniveau/IQ: alle;
    • problematiek: Mensen die lijden aan traumagerelateerde stoornissen, waaronder Acute Stress Stoornis, Post Traumatische Stress Stoornis (PTSS) en andere traumagerelateerde klachten, angsten en fobieën. De klachten zijn ontstaan als direct gevolg van één of meerdere concrete, akelige gebeurtenis(sen); de herinneringen aan de schokkende gebeurtenis(sen) blijven zich opdringen, hetgeen nog steeds een emotionele reactie oproept. Het kan gaan om het zelf ondergaan of getuige zijn van de ingrijpende gebeurtenis(sen), het vernemen dat iemand iets is overkomen en/of herhaaldelijke of extreme blootstelling aan details van de gebeurtenis.
      Voorbeelden van traumatische gebeurtenissen zijn, slachtoffer zijn van geweld (waaronder huiselijk geweld), schokkende ervaringen in een oorlogssituatie of vredesmissie, een verkeersongeval, pest- en verlieservaringen, ingrijpende ervaringen op medisch gebied, seksueel geweld en verwaarlozing.

    Contra-indicaties:

    • Er zijn geen contra-indicaties voor het geven van EMDR-therapie.
  • Hoofddoel:

    • Het doel van EMDR is om traumatische herinneringen te verwerken en de daarmee samenhangende (psychische) klachten te verminderen of te laten verdwijnen.
  • Aard werkzaamheden

    Er zijn verschillende manier van toepassen van EMDR, afhankelijk van de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van de persoon die de EMDR ontvangt.

    Voor mensen die kunnen vertellen over de traumatische herinnering zal de therapeut vragen om te vertellen wat er gebeurd is. En dan om het verhaal stil te zetten op het ‘plaatje’ wat iemand nu nog het akeligst vindt. De therapeut kan ook vragen om dat plaatje te tekenen. Eerst vraagt de therapeut om de hele herinnering te vertellen van het begin tot het einde, dan vraagt de therapeut om het verhaal stil te zetten op het plaatje dat nu nog de meeste spanning geeft/naar is om naar te kijken. Bij dit plaatje worden een aantal vragen gesteld, wat iemand erbij denkt, voelt en waar spanning in het lijf wordt gevoeld. Daarna vraagt de therapeut om de vingers van de therapeut te volgen terwijl hij/zij aan het plaatje denkt. Naast het volgen van vingers kunnen er ook nog andere afleidende taken worden aangeboden zoals bijvoorbeeld geluiden die door middel van een koptelefoon afwisselend links en rechts worden aangeboden. Er wordt gewerkt met ‘sets’ (= series) stimuli. Na elke set wordt er even rust genomen. De therapeut zal vragen wat hij/zij merkt. De EMDR-procedure brengt doorgaans een stroom van gedachten en beelden op gang, maar soms ook gevoelens en lichamelijke sensaties. Vaak verandert er wat. Na elke set wordt er gevraagd om te concentreren op wat er op dat moment is, waarna er een nieuwe set volgt.

    Voor mensen die niet kunnen vertellen over hun traumatische herinnering wordt er gewerkt met de zogenaamde verhalen methode. Bij de verhalen methode maakt de ouder/begeleider, samen met de therapeut een verhaal van de nare herinnering in begrijpelijke taal (voor de persoon die de EMDR ontvangt). Daarna wordt dit verhaal voorgelezen terwijl er een afleidende stimulus wordt aangeboden, bijvoorbeeld, geluiden, buzzers, oogbewegingen en tellen.

    De sets zullen er langzamerhand toe leiden dat de herinnering haar kracht en emotionele lading verliest. Het wordt dus steeds gemakkelijker aan de oorspronkelijke gebeurtenis terug te denken. In veel gevallen veranderen ook de herinneringsbeelden zelf en worden ze bijvoorbeeld waziger of kleiner. Maar het kan ook zijn dat minder onprettige aspecten van dezelfde situatie naar voren komen. Een andere mogelijkheid is dat er spontaan nieuwe gedachten of inzichten ontstaan die een andere, minder bedreigende, betekenis aan de gebeurtenis geven. Deze effecten dragen ertoe bij dat de schokkende ervaring steeds meer een plek krijgt in de levensgeschiedenis van de persoon.

    Werkzame elementen

    Zie beschrijving van de EMDR. Daarnaast is het belangrijk dat er Psychoeducatie over Trauma en PTSS wordt gegeven, zowel aan de persoon die de therapie ondergaat als het systeem om de persoon heen (begeleidende team, ouders, partner).

    Betrokkenheid ouders en andere personen uit het sociale netwerk

    Betrokkenheid van ouders/vertegenwoordigers/begeleiders is van groot belang. Ouders/vertegenwoordigers/begeleiders kunnen de persoon helpen bij het vertellen van het verhaal (trauma), ondersteunen in de therapie, thuis het verloop en eventuele veranderingen in gedrag of stemming in de gaten houden, enzovoorts. Motivatie en geloof van ouders in de therapie zorgt voor grotere betrokkenheid en motivatie bij de cliënt en dit zorgt voor betere uitkomsten. Andere belangrijke personen uit het netwerk van de cliënt zijn belangrijk als steunfiguren en vangnet.

    Zeker de eerste 3 dagen kan er veel in beweging komen. Het is belangrijk het systeem hierop voor te bereiden, door hier uitleg over te geven: waarom gebeurt dit, wat kan je doen om te ondersteunen zodat de client naar de therapie blijft komen en deze succesvol af kan ronden.

    Specifieke aanpassingen voor de omschreven doelgroep(en)

    Meer uitleg, herhaling en oefening, gebruik van visualisatie (tekenen van de nare gebeurtenis) ter ondersteuning van het proces en meer sessies.

    Mensen met een verstandelijk beperking (zeker in combinatie met autisme) hebben vaak moeite met het verbeelden van de situatie en met het zelf voelen, ervaren en benoemen van de oplopende spanning.

    Het EMDR-kinderprotocol wordt ook gebruikt bij cliënten van 18 jaar en ouder. Het protocol passend bij de ontwikkelingsleeftijd wordt ingezet.

    Duur, frequentie en vorm van de interventie

    EMDR is kortdurend, het aantal sessies hangt af van het aantal herinneringen die behandeld dienen te worden. het kan 1 sessie zijn, maar het kunnen er ook 20 zijn. EMDR kan wekelijks worden aangeboden maar ook meerdere keren per week. Een sessie kan 30 minuten duren maar ook 60 of 90 minuten.

    Tijdsinvestering van de professional(s)

    100% EMDR therapeut (geschoold door een EMDR Europe erkende trainer). In veel gevallen zal dit een Gedragswetenschpper B zijn (FWG65).

  • Gebaseerd op / bewerking van:

    De werking van EMDR is min of meer bij toeval ontdekt. Een verklaring voor de werkzaamheid van EMDR is dat het terugdenken aan een nare herinnering in combinatie met het maken van oogbewegingen ervoor zorgt dat het natuurlijk verwerkingssysteem wordt gestimuleerd. Het in gedachten nemen van een traumatische herinnering is levendig en intens en kost betrekkelijk veel geheugencapaciteit. Het zo snel mogelijk volgen van de vingers van de therapeut of de geluidssignalen kosten ook geheugencapaciteit. Door deze concurrentie van werkgeheugentaken is er weinig plaats voor de levendigheid en de naarheid van de herinnering. Dit biedt de patiënt de mogelijkheid om een andere betekenis aan de gebeurtenis te geven.
    Het protocol voor EMDR is in 1989 ontwikkeld door Francine Shapiro en wordt sindsdien jaarlijks bijgesteld naar de nieuwste inzichten. Er vindt veel onderzoek plaats naar de werking en toepassing van EMDR.

    Effectiviteit

    EMDR is een haalbare en effectieve behandeling voor zowel kinderen als volwassenen met PTSS (ISTSS, 2018; WHO, 2013). Tot 2008 was onderzoek naar de werkzaamheid van EMDR bij mensen met een LVB zeldzaam en bestond het voornamelijk uit gevalsbeschrijvingen (Mevissen & de Jongh, 2010). Sindsdien zijn er verschillende studies gepubliceerd. Opkomend bewijs wijst erop dat EMDR niet alleen haalbaar maar ook effectief is bij mensen met een LVB die PTSS ervaren (Gilderthorp, 2015; Jowett et al., 2016; Karatzias et al., 2019). In 2017 verscheen een eerste gecontroleerde studie naar de effectiviteit van EMDR bij een kind en een adolescent met een LVB (Mevissen, Didden, Korzilius, & de Jongh, 2017).

    Er lopen momenteel verschillende studies naar de effectiviteit van EMDR bij mensen met een ernstige, matige en licht verstandelijke beperking.


    Literatuur:

    Gilderthorp, R. (2015). Is EMDR an effective treatment for people diagnosed with both intellectual disability and post-traumatic stress disorder? Journal of Intellectual Disabilities, 19, 58-68.

    ISTSS Guidelines Committee (2018). Guidelines Position Paper on Complex PTSD in Adults. Oakbrook Terrace (IL): Author. Retrieved from: Trauma/New-ISTSS-Prevention-and-Treatment- Guidelines/ISTSS_CPTSD-Position-Paper-(Adults)_FNL.pdf.asp

    Jowett, S., Karatzias, T., Brown, M., Grieve, A., Paterson, D., & Walley, R. (2016). Eye movement desensitization and reprocessing (EMDR) for DSM–5 posttraumatic stress disorder (PTSD) in adults with intellectual disabilities: A case study review. Psychological Trauma: Theory, Research, Practice, and Policy, 8, 709–719. https://doi.org/10.1037/tra0000101

    Karatzias, T., Brown, B., Taggart, L., Truesdale, M., Sirisena, C., Walley, R., Mason-Roberts, S., Bradley, A., & Paterson, D. (2019). A mixed methods, randomized controlled feasibility trial of Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR) plus Standard Care (SC) versus SC alone for DSM-5 Posttraumatic Stress Disorder (PTSD) in adults with intellectual disabilities. Journal of Applied Research in Intellectual Disabilities, 31, 806-818.

    Mevissen, L., Didden, R., Korzilius, H., & de Jongh, A. (2017). Eye movement desensitization and reprocessing therapy for posttraumatic stress disorder in a child and an adolescent with mild to borderline intellectual disability: A multiple baseline across subjects study. Journal of Applied Research in Intellectual Disabilities, 30, 34-41.

    Mevissen, L., & de Jong, A. (2010). PTSD and its treatment in people with intellectual disabilities: A review of the literature. Clinical Psychology Review, 30, 308-316.

    World Health Organization. (2013). Guidelines for the management of conditions that are specificallyrelated to stress. Geneva: WHO.




Locaties

Filters

Cliëntgroep
Leeftijd
Cognitief niveau
Sociaal-emotioneel niveau
Begeleidingsintensiteit
Type nachtzorg
Type dagbesteding
Specifieke kennis en kunde
Aantal gevonden locaties: 43