Vacatures 12 nieuw

Gezins Psychomotorische Therapie

Gezins-PMT is bedoeld voor gezinnen met één of meerdere gezinsleden met een licht verstandelijke beperking en sociaal-emotionele problematiek en/of ernstige gedragsproblemen. De interventie is gericht op het verbeteren van de onderlinge communicatie, afstemming, vertrouwen en samenwerking tussen gezinsleden.

  • Indicatiecriteria:

    • leeftijd: alle;
    • ontwikkelingsniveau/IQ: er is sprake van een licht verstandelijke beperking en sociaal-emotionele problematiek en/of ernstige gedragsproblemen bij één of meerdere gezinsleden;
    • problematiek:
      • gezinnen waarin sprake is van verstoorde onderlinge relaties en/of communicatie;
      • gezinnen waarbij sprake is van hechtingsproblematiek;
    • keuze voor gezins-PMT ligt voor de hand bij gezinnen waarbij een verbaal-cognitieve benaderingswijze moeilijk aansluit:
      • het gezin/gezinslid kan moeilijk praten over gevoelens/gedachten;
      • het gezin/gezinslid is veel ‘in zijn hoofd bezig’ en moet meer oefenen en ervaringsgericht aan de slag om zich verder te ontwikkelen of problemen aan te pakken;
    • hulpvraag:
      • het gezin heeft behoefte aan het verbeteren van de onderlinge communicatie, afstemming, vertrouwen en samenwerking.

    Contra-indicaties:

    • gezinnen waarbij gezinsleden ernstig verslaafd zijn aan middelen;
    • gezinnen waarbij gezinsleden (rand)psychotisch zijn;
    • gezinnen waarbij een ernstige mate van onveiligheid wordt ervaren door één of meerdere gezinsleden;
    • gezinnen die niet bereidwillig zijn om bepaalde interactiepatronen te willen doorbreken/ veranderen.
  • Hoofddoel:

    • communicatie, afstemming, vertrouwen en samenwerking tussen gezinsleden is verbeterd.

    Subdoelen:

    • gezinsleden hebben inzicht in patronen/posities;
    • gezinsleden hebben meer begrip voor elkaar en gaan beter met elkaar om;
    • het vertrouwen in elkaar is gegroeid;
    • de sfeer in het gezin is verbeterd;
    • verbeterde samenwerking en een betere communicatie.

    Rollen en patronen van alle gezinsleden worden snel zichtbaar, waar vanuit andere inzichten ontstaan en verandering tot stand kan komen.

  • Aard werkzaamheden

    Gezins-PMT start met het bepalen van de hulpvraag door middel van observatie. Daarna worden gezamenlijk concrete doelen opgesteld. Met concrete bewegingssituaties en lichaamsgerichte activiteiten krijgen gezinsleden de mogelijkheid om nieuwe ervaringen op te doen. Deze ervaringen leiden tot meer inzicht in en verandering van de interactiepatronen binnen het gezin. Het gaat om het effect op de onderliggende relaties, patronen en posities.

    Tijdens de therapie staat ‘samen doen’ centraal. Met de gezinsleden wordt door middel van gezamenlijke oefeningen duidelijk gemaakt wat ieders rol is in het gezin. De oefeningen worden op video opgenomen zodat de gezinsleden kunnen zien hoe iedereen zich gedroeg. Tijdens de therapie experimenteren de gezinsleden met andere/nieuwe rollen en de daarbij horende vaardigheden. Hierdoor ontdekken de gezinsleden welk effect dit heeft op zichzelf en de andere gezinsleden.

    De psychomotorisch therapeut werkt zo mogelijk samen met een maatschappelijk werker, ambulant begeleider. Zodoende kan de transfer beter tot stand komen.

    Werkzame elementen

    • Systeemgericht werken: betrokkenheid van het hele gezin. De maatschappelijk werker/ambulant medewerker vormt een brug tussen thuis en therapie. Hij kan meedenken in praktijkvoorbeelden en de transfer maken vanuit therapie naar de thuissituatie.
    • Afstemming tussen therapeut, ambulant begeleider/maartschappelijk werker, het gezin en de betrokken gedragswetenschapper: evalueren en bijsturing. 
    • Ervaringsgerichte therapiesessies: het gaat om het samen ervaren en oefenen van vaardigheden bij ouder/verzorgers/andere gezinsleden en cliënt. 
    • Videofeedback: feedback aan de hand van video-opnames die tijdens de sessies gemaakt worden. Dit werkt vaak inzicht gevend.

    Aanvullend voor jeugdigen:
    De richtlijnen Ernstige gedragsproblemen, Problematische gehechtheid (onderdeel van de Richtlijnen jeugdhulp en jeugdbescherming ontwikkelt door Het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP), de Nederlandse vereniging van pedagogen en onderwijskundigen (NVO) en de Beroepsvereniging van Professionals in Sociaal Werk (BPSW)) bevatten nog meer werkzame elementen rondom het ondersteunen van jeugdigen met sociaal-emotionele problematiek en/of ernstige gedragsproblemen.

    Betrokkenheid ouders en andere personen uit het sociale netwerk

    De interventie richt zich op het hele gezin. Tenminste de aangemelde cliënt en de ouders dienen aanwezig te zijn. Bij voorkeur zijn alle gezinsleden aanwezig. Dit vergemakkelijkt ook de transfer naar de dagelijkse praktijk.

    Specifieke aanpassingen voor de omschreven doelgroep(en)

    Bestaande methodieken worden aangepast aan de doelgroep, bijvoorbeeld door meer te visualiseren, de tijd nemen om te evalueren, niet te snel werken en terug vragen of begrepen is wat de bedoeling is.

    Duur, frequentie en vorm van de interventie

    Aantal sessies (de gehele interventie): gemiddeld 3 tot 8 sessies, de exacte duur wordt vooraf bepaald met het gezin en/of de verwijzer. Eens per 2 tot 4 weken lijkt een goede frequentie te zijn.

    Tijdsinvestering van de professional(s)

    Frequentie sessies: eens per twee tot vier weken.
    Aantal minuten per sessie: 60/75 minuten per sessie.
    Aantal extra minuten per sessie:

    • voorbereiding: 30 minuten per sessie;
    • rapportage: 30 minuten per sessie;
    • verslaglegging en bespreking: 4 uur per evaluatiegesprek en verslag.
  • Setting

    Intramuraal en extramuraal.

    Professional

    De interventie wordt uitgevoerd door een psychomotorisch therapeut en een maatschappelijk werker/ambulant begeleider of soms systeemtherapeut. Beiden zijn bij alle sessies aanwezig.

    Randvoorwaarden: organisatorisch en contextueel

    Beschrijving van de locatie en de hoeveelheid ruimte:
    Andere benodigdheden (bv. materialen): PMT-ruimte of gymzaal(tje).

  • Gebaseerd op / bewerking van:

    • Hekking, P. & Fellinger, P. (2011).
      Psychomotorische therapie:
      een inleiding. Amsterdam: Boom.
    • Maurer, J., Visser, M., Alberts, B. & Krot, J. (2011). Psychomotorische gezinstherapie in de praktijk. Kind & Adolescent Praktijk, 2, 60-66.
    • Visser, M., Albrechts, B., Maurer, J. & Krot, H. (2010). Een dialoog tussen systeemtherapeut, psychomotorisch therapeut en gezin. In J. de Lange, Psychomotorische Therapie, 115-131. Amsterdam: Boom.

    Effectiviteit

    Gezins-PMT is nog niet onderzocht op effectiviteit. Er zijn wel andere PMT-interventies op effectiviteit onderzocht. Zie:

    • Bellemans, T., Hoek, P., Scheffers, M., Busschbach, J. van & Didden, R. (2016). Psychomotorische therapie bij mensen met een licht verstandelijke beperking en problemen met emotie- en agressieregulatie. Een systematische literatuurreview. Directieve therapie, (36), 3, 148-168.
Terug naar boven