Vacatures 11 nieuw

Logopedie COMMUNICATIE

Logopedie COMMUNICATIE is bedoeld voor alle cliënten met (dreigende) problemen in de communicatie. Diagnostiek is gericht op het in kaart brengen van communicatievaardigheden en op welke wijze de communicatie ondersteund kan worden. Behandeling is gericht op het verbeteren van de communicatie van de cliënt en zijn omgeving.

  • Indicatiecriteria

    • leeftijd: 0-99;
    • ontwikkelingsniveau/IQ: alle niveaus;
    • problematiek: 
      • problemen in de communicatie, zowel receptief (begrijpen) als expressief (uiten);
      • onbegrepen gedrag, ontstaan vanuit communicatienood;
      • agressie / automutilatie vanwege onvoldoende communicatiemogelijkheden;
    • hulpvragen: 
      • Help mij om te begrijpen wat er van mij verwacht wordt.
      • Help mij overzicht te houden op mijn programma / dag.
      • Hoe kan ik mij beter leren uiten?
      • Hoe kunnen we een boodschap aan iemand duidelijk maken?
      • Hoe moeten wij het gedrag van de cliënt begrijpen?

    Contra-indicaties:

    • Geen.

  • Hoofddoelen:

    • de cliënt begrijpt de communicatie van anderen en wat er van hem verwacht wordt; 
    • de cliënt kan zich duidelijk maken;
    • de gesprekspartners begrijpen de communicatie van de cliënt;
    • de gesprekspartners weten hoe zij hun communicatie aan de mogelijkheden van de cliënt moeten aanpassen.

    Subdoelen (kunnen) zijn:

    • het communicatieniveau van de cliënt is in kaart gebracht en uitgelegd;
    • de (niet sprekende) cliënt kan communiceren middels gebarentaal, een spraakcomputer, afbeeldingen en/of voorwerpen;
    • de cliënt oefent invloed uit op zijn omgeving, leert aan te geven wat hij wil;
    • de cliënt heeft overzicht over zijn dag middels een hulpmiddel (zoals pictogrammen of geschreven tekst);
    • de gesprekspartners kennen het niveau van hun cliënt en passen hun communicatieniveau en communicatievorm hierop aan;
    • gesprekspartners reageren bij cliënten met beperkte communicatiemogelijkheden sensitief en responsief op het probleemgedrag door het gedrag te zien als een communicatieve intentie.

  • Aard werkzaamheden

    Diagnostiek

    • Onderzoek naar communicatieniveau en communicatiemogelijkheden:
      • ComVoor test + ComVoor-V (voor mensen met visuele beperking);
      • C-BILLT: Computer-Based instrument for Low motor Language Testing;
      • Nederlandstalige Non Speech Test (NNST);
      • Communicatieve Intentie Onderzoek (CIO);
      • Nederlandstalige MacArthur Lijsten voor communicatieve ontwikkeling (N-CDI’s);
      • Communicatieschema: Weerklankmethode, opstellen communicatieprofiel;
      • in kaart brengen Communicatieve Functies: 
        • Observatielijst Beginnende Communicatie (Van den Dungen); 
        • Observatielijst Communicatieve Functies – (Kingma-Van den Hoogen);
    • (video-)observatie van communicatie in verschillende contexten.

    Behandeling

    • het leren communiceren / vergroten van expressieve vaardigheden; bijvoorbeeld met PECS (Picture Exchange Communication System) of PODD (Pragmatic Organised Dynamic Display);
    • beeldvorming en communicatie verbeteren bij ouders/begeleiders (op het gebied van begrijpen en uiten); 
    • advisering en implementatie van communicatieondersteuning in alle contexten, zoals verwijzers met voorwerpen, pictogrammen en foto’s, visualisaties, communicatiepaspoort, spraakcomputers, spraakapp’s, en/of gebarentaal;
    • ontwikkelen communicatiehulpmiddelen en/of visualisaties;
    • advisering Totale Communicatie;
    • advisering en ondersteuning bij het leren van gebarentaal.

    Werkzame elementen

    Ingezette strategieën zijn vooral gericht op:

    • bijdrage diagnostiek en beeldvorming: vroegtijdig opsporen van communicatieproblemen gericht op vermindering van gedragsproblemen;
    • bewustwording creëren over het communicatieniveau en inzet van Totale Communicatie;
    • vergroten communicatievaardigheden cliënt en/of omgeving door middel van advisering en coaching on the job;
    • ouders/begeleiders worden ingezet als co-trainer;
    • individuele ondersteuning en hulpmiddelen op maat ontwikkelen/aanreiken;
    • multidisciplinair samenwerken

    Betrokkenheid ouders en andere personen uit het sociale netwerk

    Cliënt en ouders, en indien van toepassing begeleiders, worden altijd betrokken bij onderzoek, behandeling en advisering, omdat communicatie in alle contexten van het leven plaatsvindt.

    Specifieke aanpassingen voor de omschreven doelgroep(en)

    Diagnostiek:

    • onderzoek vindt via observatie plaats als de cliënt vanwege beperkte cognitieve vaardigheden niet instrueerbaar is; 
    • extra tijd vanwege mogelijkheden cliënt (concentratie, reactie op doorbreken bekende structuur, beperkte informatieverwerking); 
    • anamnese vindt altijd plaats via begeleiders/ouders, omdat niet alle cliënten reflectieve vaardigheden hebben en hun eigen klachten kunnen verwoorden;
    • omdat veel onderzoeken niet ontwikkeld en genormeerd zijn voor deze doelgroep of leeftijdsgroep, moet er bij de interpretatie en analyse vaak een vertaalslag gemaakt worden.

    Behandeling:

    • veel behandelingen vinden plaats binnen de context, omdat het maken van de transfer naar andere contexten niet mogelijk is;
    • meer tijd en langere duur nodig om nieuw gedrag te trainen;
    • veel behandelingen zijn indirect (gericht op begeleiders/ouders) omdat de cliënt niet altijd leerbaar is;
    • meer overlegtijd om over te dragen aan ouders/begeleiders en hen waar nodig te trainen;
      veelal vindt behandeling multidisciplinair plaats;
    • materialen moeten op maat ontwikkeld of aangepast worden; 
    • soms extra reistijd omdat onderzoek en behandeling gezien de mogelijkheden van de cliënt alleen op locatie (woning/school) kan worden uitgevoerd.

    Duur, frequentie en vorm van de interventie

    Duur en frequentie is afhankelijk van doelstelling, problematiek en de mate van complexiteit en multidisciplinariteit.

    De gehele interventie bestaat uit 8 uur kortdurend advies, 20 uur regulier advies of 36 uur complex advies. Tijdsbesteding per week: laag intensief 40 minuten, regulier 75 minuten, intensief 150 minuten. Bij het opgang brengen van communicatieontwikkeling is soms een meerjarig traject noodzakelijk met een inzet van 52 uur op jaarbasis.

    De interventie vindt altijd individueel plaats.

    Bij intake en anamnese zijn veelal verwanten of persoonlijk begeleider aanwezig. Onderzoek vindt plaats aan huis / op het werk, waar mogelijk in een behandelruimte. Inzet video-observatie is afhankelijk van vraag en complexiteit. Daarnaast biedt de logopedist ondersteuning bij levering en/of inrichting van hulpmiddelen en advisering/training op het gebied van Totale Communicatie / Gebaren.

    Tijdsinvestering van de professional(s)

    Tijdsinvestering logopedist:

    • dossieronderzoek: 30-60 minuten;
    • directe behandeling: variërend tussen 40-75 minuten (behandeling + voorbereiding + rapportage);
    • onderzoek/observatie: 2 uur bij korte vraag tot 6 uur bij complexe vraag;
    • analyse bij video-observatie: 2 uur;
    • verslaglegging en dossiervorming: 2 uur tot 4 uur;
    • (multidisciplinair) overleg: bij eenvoudige vraag eenmalig 1 uur. Bij complexe vraag: aansluitend bij MDO cyclus waarbij uren variabel zijn.
    • instructie en implementatie: 2 uur tot 8 uur (afhankelijk van het advies);
    • evaluatie: 30-60 minuten;
    • aanschaf hulpmiddelen: 30 minuten tot 4 uur (afhankelijk van het hulpmiddel);
    • advisering en training Totale Communicatie: 9 uur uitvoering, 3 uur voorbereiding;
    • advisering en training gebaren: 6 uur uitvoering, 2 uur voorbereiding (deels afhankelijk van doel)
    • reistijd: variabel.

    Bij complexe communicatievragen zal multidisciplinair gewerkt worden: met AVG-arts, fysiotherapeut, ergotherapeut, gedragswetenschapper en eventueel externen: CCE, Kompagne, RDG, Kentalis, WKZ, enzovoorts.

  • Setting

    • Directe behandeling: behandelruimte of aan huis / op het werk.
    • Onderzoek, advisering, overleg, training vinden ook plaats in een voor de cliënt vertrouwde omgeving, veelal in de thuissituatie of op het werk.

    Professional

    Logopedist met erkend diploma (HBO logopedie) en relevantie nascholing (o.a. ComVoor 1+2, Train de Trainer, Logopedie bij autisme) en ingeschreven in Kwaliteitsregister Paramedici.

    Randvoorwaarden: organisatorisch en contextueel

    Locatie van ’s Heeren Loo: 

    • behandelruimte met stromend warm water en een wachtruimte

    Andere benodigdheden (bv. materialen):

    • benodigde testen;
    • camera + laptop;
    • behandelmaterialen: mogelijkheden tot visualisatie of communicatieondersteuning (laptop, printer, pictoprogramma, lamineerapparaat, klittenband, multomappen, etc.);
    • software voor verwerking pictogrammen;
    • laptop voor installatie software (spraakcomputers, visuele systemen);
    • abonnement gebarencentrum.
  • Gebaseerd op / bewerking van:

    Uitgangspunt in de behandeling zijn de normale stappen in de communicatieontwikkeling. Er wordt gewerkt met Totale Communicatie, waarbij de communicatiemiddelen aansluiten bij het niveau van betekenisverlenen en in alle contexten geïmplementeerd worden. Bij cliënten die moeite hebben met betekenisverlenen (bijvoorbeeld bij autisme) wordt gewerkt met ‘Concept Ondersteunende Communicatie’ en ‘Geef me de 5’.

    • De Bruin, C. (2004). Geef me de 5: een praktisch houvast bij de opvoeding en begeleiding van kinderen met autisme. Graviant educatieve uitgave.
    • Van den Dungen, L., & Den Boon, N. (2006). Beginnende communicatie: therapieprogramma voor communicatieve functies in de preverbale en vroegverbale fase. Swets & Zeitlinger.
    • Kingma-van den Hoogen, F. (2010). Kinderen beter leren communiceren: therapieprogramma voor communicatieve functies. Maklu.
    • Noens, I., & van Berckelaer-Onnes, I. (2002). Communicatie bij mensen met autisme en een verstandelijke beperking: van inzicht naar interventie. Nederlands tijdschrift voor de zorg aan mensen met verstandelijke beperkingen, 28(4), 212-225.
    • Oskam, E., & Scheres, W. (2005). Het bepalen van het communicatieniveau. In E. Oskam, & W. Scheres (Red.), Totale communicatie (2e ed.). Maarssen: Elsevier Gezondheidszorg, pp 37-79.
    • Oskam, E., & Scheres, W. (2005). Communicatie, taal en Totale communicatie. In E. Oskam, & W. Scheres (Red.), Totale communicatie (2e ed.). Maarssen,: Elsevier Gezondheidszorg, pp 19-31.
    • Rijdt, C. de. (2013). Ondersteunend communiceren, werken met visualisaties. Apeldoorn: Garant.
    • Verpoorten, R., Noens, I., & Berckelaer-Onnes, I. van. (2004). ComVoor, Voorlopers in de communicatie. Leiden: PITS B.V.
  • Polikliniek Leeuwarden

    Meer

  • Polikliniek Monster

    Meer

  • Polikliniek Druten Canisius Wilhelmina Ziekenhuis

    Meer

  • Polikliniek Geldermalsen

    Meer

  • Polikliniek Zwolle

    Meer

  • Polikliniek Harderwijk

    Meer

  • Polikliniek Urk

    Meer

  • Polikliniek Hillegom

    Meer

  • Polikliniek Apeldoorn

    Meer

  • Polikliniek Julianadorp

    Meer

  • Polikliniek Ede Horalaan

    Meer

  • Polikliniek Tiel

    Meer

  • Naschoolse dagbehandeling De Kanjers in Amersfoort Bruispad 2

    Naschoolse dagbehandeling in Amersfoort voor kinderen met een lichte verstandelijke beperking.

    Meer

Terug naar boven